Jouw complete theorieboek

Basis · alle rijbewijzen

Parkeren op hellingen en bijzondere plaatsen

Parkeerschijfzones, gehandicaptenplaatsen, laadplekken en veilig parkeren op een helling.

4 minuten lezen · Gecontroleerd op 01-10-2026

Gecontroleerd aan officiële bronnen op 30 september 2026. RVV art. 24–26 en 46; bijlage 1 E4–E13. Praktische rijadviezen zijn herkenbaar als advies.

Parkeerschijfzone

Binnen een parkeerschijfzone E10 parkeer je alleen op daarvoor aangewezen of aangeduide parkeerplaatsen of plaatsen met een blauwe streep. Op een blauwe streep is voor motorvoertuigen op meer dan twee wielen een duidelijk zichtbare parkeerschijf nodig. Heeft het voertuig een voorruit, plaats de schijf daarachter.

Stel het begin van het parkeren in. Je mag naar boven afronden op het eerstvolgende hele of halve uur. Aankomst om 10.07 mag dus op 10.30; om 10.31 op 11.00. Respecteer de maximale parkeerduur en de tijden op het onderbord. Een mechanisme dat de aankomsttijd automatisch opschuift is verboden. De schijf later verzetten terwijl je geparkeerd blijft, geeft geen nieuwe parkeerduur.

De schijfplicht in artikel 25 geldt voor motorvoertuigen op meer dan twee wielen, en via de bijzondere toepassingsregel ook voor brommobielen. Een motor op twee wielen valt daar dus niet onder, maar moet wel de overige parkeerregels naleven. Plaatselijke betaal- en vergunningvoorwaarden zijn een aparte controle.

Gehandicaptenparkeerplaatsen

Een algemene gehandicaptenparkeerplaats mag worden gebruikt door een gehandicaptenvoertuig voor vervoer van een gehandicapte, of door een motorvoertuig op meer dan twee wielen met een duidelijk zichtbare geldige gehandicaptenparkeerkaart als het parkeren direct samenhangt met vervoer van de kaarthouder. Er bestaan ook kaarten voor instellingen. Is de plaats voor één kenteken gereserveerd, dan mag alleen dat voertuig daar parkeren.

Een kaart is geen vrijbrief om iemand anders daar te laten parkeren voor eigen boodschappen. Is een maximale parkeerduur met een onderbord aangegeven, dan is ook een parkeerschijf vereist onder de wettelijke voorwaarden, zelfs zonder blauwe streep.

Beperkte vrijstellingen met een gehandicaptenparkeerkaart

Bij rechtstreeks vervoer van een gehandicapte kan een geldig en goed leesbaar aangebrachte kaart op een motorvoertuig op meer dan twee wielen vrijstelling geven van de gewone parkeerschijfzoneregel. Voor parkeren langs een gele onderbroken streep, bij E1 en buiten de aangewezen parkeervakken in een erf geldt onder artikel 85 een uitzondering van hoogstens drie uur, met een duidelijk zichtbare parkeerschijf. Voor gehandicaptenvoertuigen bestaan overeenkomstige maar niet volledig identieke uitzonderingen; de erfuitzondering is in artikel 85 niet voor hen nodig omdat de gewone erfparkeerregel motorvoertuigen betreft.

De kaart heft geen stopverbod zoals E2 of een gele doorgetrokken streep op. Zij geeft evenmin toestemming om een inrit, zebra of doorgang te blokkeren. Een plaats met kentekenbeperking, een specifieke maximale parkeerduur en plaatselijke betaalvoorwaarden beoordeel je afzonderlijk. Voorkom steeds gevaar of hinder.

Laden, openbaar vervoer en carpool

E7 is bestemd voor onmiddellijk laden en lossen. E12 is een parkeerplaats ten behoeve van overstappers op openbaar vervoer; E13 voor carpoolers. E8c is bestemd voor het opladen van elektrische voertuigen. Alleen een elektrische auto bezitten maakt het parkeren op een laadplaats niet onbeperkt toegestaan: respecteer laadbestemming, onderborden en plaatselijke voorwaarden.

Een taxistandplaats is een aangewezen parkeerbestemming, geen gewone wachtplek voor iedere auto. Op een erf parkeren motorvoertuigen uitsluitend op de als parkeerplaats aangeduide of aangegeven plekken.

Parkeren op een helling: praktisch advies

Gebruik de parkeerrem en een passende versnelling of de parkeerstand van de automaat volgens de instructies van de fabrikant. Vertrouw niet alleen op de motor of uitsluitend op een stuurstand. Zet waar passend de wielen zo dat de auto bij onverhoopt rollen richting de veilige rand wordt geleid.

Bij een stoeprand is het gebruikelijke advies: bij de voorkant bergaf draaien de voorwielen naar de stoeprand; met de voorkant bergop van de stoeprand af, zodat terugrollen door de stoeprand wordt opgevangen. Zonder stoeprand richt je ze waar mogelijk naar een veilige wegkant. Dit is een advies en hangt af van voertuig, parkeerpositie en omgeving.

Voorbeeld: blauwe zone

Je arriveert om 14.12 op een blauwe plaats met een maximumduur van twee uur. Je mag 14.30 instellen en moet uiterlijk bij het einde van de toegestane duur vertrekken. Je mag de schijf niet om 15.30 een uur verder draaien en blijven staan. Lees ook of de regeling op die dag en tijd geldt.

Test jezelf

Bedenk eerst je antwoord. Open daarna de uitleg.

Wat stel je in bij aankomst om 10.07?

Je mag naar boven afronden naar 10.30.

Mag iemand zonder relatie tot de kaarthouder diens gehandicaptenkaart gebruiken?

Nee. Het parkeren moet rechtstreeks samenhangen met vervoer van de betreffende gehandicapte.

Is het draaien van de wielen op een helling voldoende?

Nee. Gebruik de parkeerrem en de door de fabrikant voorgeschreven beveiliging; de stuurstand is aanvullend advies.

Bronnen bij deze les

Advertentie · partnerlink

Rijbewijs AM Theorieboek Compact 2026

Volledige CBR examenstof van 2026 in minder pagina's lezen - Leer alle verkeersborden uit je hoofd met het handige bordenboek - Alles wat jij moet weten voor het CBR scooter theorie examen

Bekijk product →

Klaar om je theorie te testen?

Kies jouw rijbewijs en start een gratis oefenexamen. Na afloop zie je je score en krijg je uitleg bij je antwoorden.