Snelheid en voorrang
Snelheidslimieten van brom- en snorfiets en voorrang bij kruispunten, oversteekplaatsen en rotondes.
Gecontroleerd aan officiële bronnen op 30 september 2026. RVV art. 2, 15–19, 20–22, 45, 49 en 54. Praktische rijadviezen zijn herkenbaar als advies.
Leer de drie bromfietslimieten
| Voertuig en plaats | Maximumsnelheid |
|---|---|
| Gewone bromfiets of speedpedelec op de rijbaan | 45 km/u |
| Gewone bromfiets of speedpedelec op het fiets-bromfietspad binnen de bebouwde kom | 30 km/u |
| Gewone bromfiets of speedpedelec op het fiets-bromfietspad buiten de bebouwde kom | 40 km/u |
| Snorfiets | 25 km/u |
| Brommobiel | 45 km/u |
Een lager maximum door een bord of regeling gaat voor. In een erf is het maximum 15 km/u. Als de veilige snelheid lager is dan het maximum, rijd je langzamer. Een bromfietser moet net als iedere bestuurder kunnen stoppen binnen het vrije en zichtbare gedeelte van de weg.
De bebouwde kom herken je aan de komborden H1 en H2. Een rij huizen, een straatnaam of een verandering in bestrating is niet voldoende om het juridische maximum vast te stellen.
Op het kruispunt ben je bestuurder
Op een gelijkwaardig kruispunt verleen je voorrang aan bestuurders van rechts. Een fiets is ook een voertuig en zijn berijder is bestuurder. Een voetganger valt niet onder deze algemene rechtsregel. Voor trams en uit onverharde wegen gelden de bijzondere basisregels.
Haaientanden en B6 verplichten tot voorrang verlenen aan bestuurders op de kruisende weg. B7 verplicht daarnaast tot stoppen. De snelheid en plaats van de ander bepalen of jij hem hindert wanneer je doorrijdt.
Afslaan en uitritten
Bij afslaan laat je verkeer op dezelfde weg voorgaan. Denk aan een fietser naast je en een voetganger op de stoep. Bij een bijzondere manoeuvre, zoals wegrijden, achteruitrijden of uit een uitrit komen, laat je al het overige verkeer voorgaan. Voetgangers horen daarbij.
Leer de voorbeelden in de basislessen. Het feit dat je op een rood geasfalteerd pad rijdt, geeft geen algemene voorrang op zijwegen of rotondes.
Zebra en fietsoversteek
Je laat voetgangers en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig voorgaan die op een zebra oversteken of kennelijk willen oversteken, met de wettelijke uitzonderingen bij specifieke lichtregelingen en colonnes. Een rijdende fietser krijgt door een zebra op zichzelf geen voorrang.
Als je afstapt en naast je tweewielige bromfiets loopt, gelden de voetgangersregels. Blijf dan ook lopen tijdens het oversteken; één been op de grond met draaiende bromfiets maakt jouw manoeuvre niet automatisch tot lopen.
Voorbeeld: 50 op de rijbaan
Binnen de kom geeft de algemene verkeersregeling 50 km/u aan. Je gewone bromfiets mag maximaal 45 km/u. Staat er een maximum van 30, dan geldt 30. Een voertuigmaximum en een plaatselijk maximum beoordeel je samen: de laagste toepasselijke grens beperkt je snelheid.
Test jezelf
Bedenk eerst je antwoord. Open daarna de uitleg.
Hoe snel mag een gewone bromfiets op het fiets-bromfietspad binnen de kom?
Maximaal 30 km/u, tenzij een lager maximum of de veiligheid een lagere snelheid vereist.
Geeft rood asfalt automatisch voorrang?
Nee. Kijk naar borden, markering en de geldende voorrangsregels.
Mag een bromfiets 50 op een rijbaan met maximum 50?
Nee. Het bromfietsmaximum op de rijbaan is 45 km/u.
Bronnen bij deze les
Rijbewijs AM Theorieboek Compact 2026
Volledige CBR examenstof van 2026 in minder pagina's lezen - Leer alle verkeersborden uit je hoofd met het handige bordenboek - Alles wat jij moet weten voor het CBR scooter theorie examen
Bekijk product →