Verkeerslichten en aanwijzingen
Groen, geel en rood, rijstrooksignalen, bijzondere lichten en bindende aanwijzingen.
Gecontroleerd aan officiële bronnen op 30 september 2026. RVV art. 62–75 en 82–84; bijlage 2. Praktische rijadviezen zijn herkenbaar als advies.
Gewone verkeerslichten
Groen betekent doorgaan, geel stoppen en rood stoppen. Bij geel bestaat de uitzondering dat je mag doorgaan wanneer je zo dicht genaderd bent dat stoppen redelijkerwijs niet meer mogelijk is. Het is geen opdracht om te versnellen. Bij rood stop je vóór de toepasselijke stopstreep of op de juiste stopplaats.
Een pijllicht geldt voor de aangegeven richting. Bij groen blijven andere verplichtingen gelden, zoals het vrijhouden van een geblokkeerd kruispunt. Een gewone groene lamp zegt niet dat afslaand verkeer nooit een conflict met rechtdoorgaande voetgangers of fietsers heeft.
Fiets-, voetgangers- en bijzondere lichten
Een fietssymbool maakt het licht toepasselijk op fietsers, bromfietsers op het fiets-bromfietspad en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig. Kijk naar de regeling voor snorfietsers en eventuele rijbaanverplaatsing. Een voetgangerslicht geldt voor voetgangers en de overeenkomstig geregelde gebruikers van gehandicaptenvoertuigen op de voetvoorziening.
Groen knipperend voetgangerslicht betekent dat het groene licht spoedig rood wordt; oversteken mag nog. Bij rood begin je niet, maar wie al oversteekt maakt de oversteek af. Geel knipperend licht geeft geen gewone groene doorgang: gevaarlijk punt, wees voorzichtig.
Witte tram- en buslichten gebruiken eigen lichtbeelden voor de bedoelde bestuurders. Een gewone automobilist volgt deze niet alsof zij zijn verkeerslicht zijn. Overweglichten en bruglichten vragen afzonderlijk stoppen volgens hun regeling.
Rechtsaf voor fietsers vrij
Staat bij het verkeerslicht het bord ‘Rechtsaf voor fietsers vrij’, dan gelden rood en geel niet voor de rechtsafslaande fietsers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen waarvoor die bepaling geldt. Bij ‘Rechtsaf voor (brom)fietsers vrij’ geldt de uitbreiding voor bromfietsers. De vrijgestelde bestuurders laten al het overige verkeer ter plaatse voorgaan. Het bord geeft dus geen eigen voorrang en staat geen linksaf of rechtdoor door rood toe.
Rijstrooksignalering
Een groen neerwaartse pijl betekent dat de rijstrook gebruikt mag worden. Een rood kruis betekent dat de rijstrook niet gebruikt mag worden. Een witte schuine pijl is de voorwaarschuwing voor een rood kruis. Bereid het veilig verlaten van de strook voor. Wissel veilig en geef richting aan; de pijl geeft geen recht om andere voertuigen af te snijden.
Een snelheid op een elektronisch signaleringsbord is een maximum. Bij meerdere maxima geldt de laagste toepasselijke grens. Rijd niet onder een rood kruis omdat de strook er leeg uitziet.
Aanwijzingen van bevoegde personen
Aanwijzingen gaan boven verkeersregels en verkeerstekens. Volg bijvoorbeeld de aanwijzing van een bevoegde politieambtenaar of verkeersregelaar. Verkeersbrigadiers mogen in hun wettelijke taak het stopteken geven; zij hebben geen onbeperkte bevoegdheid om alle verkeer te regelen.
De officiële tekeningen uit bijlage 2 staan hieronder. Leer het algemeen stopteken, stop voor verkeer van bepaalde zijden en stop voor verkeer achter de regelaar. Kijk naar zijn houding en armpositie. Een wegwerker in opvallende kleding is niet uitsluitend door die kleding een bevoegde verkeersregelaar.
Samenloop van regels
Verkeerslichten gaan boven verkeerstekens die de voorrang regelen. Een bindende aanwijzing gaat daar weer boven. Andere voorschriften, zoals een geslotenverklaring of verbod op een bepaalde manoeuvre, verdwijnen niet allemaal doordat het licht groen is. Borden gaan boven daarmee strijdige verkeersregels, met de specifieke wettelijke bepalingen voor snelheid en tijdelijke markering.
Voorbeeld: rood licht, doorrijden op aanwijzing
Een bevoegde verkeersregelaar geeft jou duidelijk de aanwijzing om door te rijden. Je volgt die aanwijzing voorzichtig, ook al staat jouw licht rood. Alleen zelf vermoeden dat het licht defect is, geeft die bevoegdheid niet.
Officiële aanwijzingen
Bijlage 2 van het RVV toont het algemeen stopteken, stoptekens voor verkeer vóór, achter, vóór én achter en van rechts, gevolgd door snelheid verminderen, stoppen en het stopteken van de verkeersbrigadier. Lees de nummers in de afbeeldingen met deze legenda.
- Algemeen stopteken.
- Stopteken voor verkeer dat de regelaar van voren nadert.
- Stopteken voor verkeer dat de regelaar van achteren nadert.
- Stopteken voor verkeer dat de regelaar van voren én van achteren nadert.
- Stopteken voor verkeer dat de regelaar van rechts nadert.
- Snelheid verminderen voor het verkeer in de aangegeven richting.
- Stopteken voor het verkeer in de aangegeven richting.
- Stopteken van de verkeersbrigadier.


Test jezelf
Bedenk eerst je antwoord. Open daarna de uitleg.
Mag je versnellen om geel nog te halen?
Nee. Stop, behalve wanneer stoppen redelijkerwijs niet meer mogelijk is doordat je te dicht bent genaderd.
Mag je op een lege rijstrook onder een rood kruis rijden?
Nee. Het rode kruis verbiedt het gebruik van die rijstrook.
Wat gaat voor bij een strijdige bindende aanwijzing en rood licht?
De aanwijzing van de bevoegde persoon; voer haar voorzichtig uit.
Bronnen bij deze les
Auto Theorieboek 2026 Rijbewijs B - VekaBest
Verkozen tot het beste auto theorieboek van 2026 door Rijschoolspecialist - Compleet en up-to-date met de laatste CBR exameneisen - Meer dan 50 jaar ervaring in theorie producten
Bekijk product →